The Lies Of The Human Mind
 
Binnen de beperktheid van de menselijke geest spelen ogen een belangrijke rol. Zij nemen voor ons waar, zodat uit de ontvangen beelden opgemaakt kan worden of iets goed of slecht voor ons is. Of wij ergens heen kunnen of dat wij maar beter een andere weg kunnen inslaan om ons doel te bereiken. Een groot deel van de beslissingen die het brein maakt, zijn op de waarnemingen van onze ogen gebaseerd.
Helaas hebben die hersens het niet altijd bij het rechte eind en interpreteren ze het ontvangen beeld soms behoorlijk verkeerd. Illusionisten op de TV laten ons keer op keer versteld staan door hun trucjes die meestal gebaseerd zijn op deze gebrekkige communicatie tussen onze mooie ogen en onze beperkte geest. Het schilderij dat je altijd aankijkt, waar je ook maar staat, is zo’n mooi voorbeeld. Terwijl iedereen die dat trucje kent, het gemakkelijk kan toepassen. Uiteindelijk is het domweg manipulatie van de geest. Dat gaat zo diep dat, zelfs al je de truc kent, je geest toch nog tegen je zegt dat dat schilderij je steeds maar aankijkt.
Er is derhalve een kanttekening te plaatsen bij het waarheidsgehalte van wat onze ogen denken te zien. Een gevleugelde uitspraak van van een onzer kunstenaars is niet voor niets: „Kijk maar, er staat niet wat er staat!“ (Nijhoff) Een wantrouwige geest is een zegen voor de bezitter er van. Dat de meeste kunstenaars zo’n soort geest hebben is natuurlijk niet voor niets. (ook verwondering is een vorm van wantrouwen)
En zo is ook het beeld van wat wij hebben op het verstrijken van tijd volkomen incorrect. Wij zien de seizoenen aan ons voorbijtrekken en concluderen gemakshalve dat de tijd een soort liniaal is. Na de zomer komt de herfst, na de herfst volgt de winterkou etc. etc. Dat dat allemaal een gevolg is van de draaing van onze aardbol, gecombineerd met een schuine stand t.o.v. onze zon weten wij, relatief gezien, nog niet eens zo heel erg lang. Maar toen was de verkeerde gevolgtrekking al diep in ons onderbewuste geworteld. Kom daar dan maar weer es vanaf!
En omdat onze geëvolueerde hersens hebben geconcludeerd dat de tijd verstrijkt in een mensenleven - door het beperkte aantal lentes dat wij meemaken - heeft het idee van een meetlat voor de tijd in onze geest plaats gevat.
Dat het de bewuste geest is die verstrijkt - niet de tijd - komt domweg niet bij de meesten op. Tijd is niet een rivier die van de top van de berg naar de oceaan stroomt. U, uw geest, die naar die rivier kijkt en constateert dat dat water van boven naar beneden stroomt, u bent die tijd.
Wat tijd dan wel is? Ach, binnen de theoretische natuurkunde vechten ze daar al jaren over en proberen dat fascinerende fenomeen in ingewikkelde formules en beschouwingen te vangen. Maar net als de ogen die ons maar aan blijven kijken - terwijl wij toch zeker weten dat het een rationele dwaling is - zullen wij nooit in staat zijn om tijd te kunnen bevatten. De geest kan veel zien maar nooit zichzelf. En dat geeft natuurlijk niets. De rivier zal nog steeds oceaanwaarts stromen, ook als u alweer in biljoenen deeltjes uiteen gevallen bent. Tijd van anderen zal verstrijken, u, uw liniaal is dan allang ongeldig verklaard.
Persoonlijk hou ik het op het opraken van energie en als die op is, is het klaar. Ook aan The Big Bang zal ooit een einde komen en wees dan maar trots, u was een korte spanne een bewust deel van diezelfde enorme uitbarsting. Maar ook die dooft een keertje uit, zijn tijd is dan verstreken. His Time Is Done. En tegelijkertijd dan ook de uwe, gebruik haar wel.