VERZAMELING

Canon

 

Als ik

niet

gezien en

niet

gehoord

 

de vrije geest

vermoord

als u

als ik

de Jakobsladder

der psychose

heb beklommen

hebt u dan

daar niets

gemerkt

en niet

gevoeld

misschien?

 

wat schaadt het u

als niet gezien

en niet gehoord

de vrije geest vermoord

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Geheimschrift

 

Terwijl de imbecielen rijmels schrijven in

hun zelfgewrochte hel, het voorgeborchte haar

geheimen prijsgeeft moet waarheid, hoe vermetel

ook gesteld, verborgen blijven, ja, die wel

 

Te groot is heden kruisgevecht, te zwaard hun messen,

te scherp hun waarden, hoe hopeloos de overwinning.

Schijnbaar zijn de plussen min, de linksen rechts

de ondersteboven ook!

 

 (R)Apport(age)!

 

In de ochtend, als ik met mijn hond

Een Goedemorgen wek van menig leven

Geboren door het waakbevel

Van wrede waarheid, opstaan nu!

 

Een wekker waakt, en ergens gaat

De telefoon, neem toch es op

Helaas, hij slaapt

 

Slaap lekker, sluimerwekker

Maar hond en ik

Zien opwaarts, stijve nek

Morgenvlucht van wolken meeuwen

Naar ebgebied en weten

Weinigen zagen dit!

 

Lucide

 

Kijk, vlak voor het slapen

 

Kijk, vlak voor het slapen

en zinnen zich vertonen

als zinnen moeten doven

geblust met jou, door jou en jij

tevreden slaapt, later

 

Kijk, vlak voor het waken

als zinnen zich verpozen

en het dromen nog moet doven

 

Kijk

 

 

Just an ordinairy Love-song

(the difference is, it’s for you)

 

Ik drink uit het glas waaruit jij hebt gedronken

Zit op de stoel nog warm van jouw lijf

Ervaar hoe je weg bent met belofte van weerzien

Besef dat ’k het liefst

De rest van mijn leven

Dicht in de buurt van je blijf

 

Nu dicht ik ‘t gedicht door jou verkregen

met hartstocht nog brandend, gevoel dat beklijft

Uitkijkend naar morgen. naar jou terugzien

Hoop dat je ‘t liefst

De rest van je leven

Dicht in de buurt bij mij blijft

 

Ik weet het, ik zou toch

Wijs moeten zijn

emoties beheersend

niets willen willen

Maar weet je, ik zou toch

Het liefst heel mijn leven

Naast jou willen staan,

Dicht bij jou willen zijn

 

Ik proef nog de zoen die jij mij hebt gekust

Voel onder mijn handen jouw soepele lijf

Zie in jouw ogen een blauw van belofte

En weet dat ik graag

Tijdloze uren

In jouw gezelschap verblijf

De rest van mijn jaren

Jouw timmerman, minnaar

Man, kok en bediende

Desnoods zelfs jouw slaaf wil zijn

 

Alexandrijn, Muze mijn

 

Goedemorgen hartediefje, mooie Muze mijn

Verloren, toch weer opgedoken

Nu lig je naast mij, ogen licht geloken

alexandrine, alexandrijn

Dag liefje, hartediefje, schoonste Muze mijn

 

Dag Muze, Muizenis, mooie Muze mijn

Mijn adem zal jouw lijf minzaam beroeren

Mijn kussen zullen jou vervoeren

alexsandrine, alexsandrijn

Dag Muze, mooie Muze, mooie Muze mijn

 

Goud

 

Ik hou van goud, ik hou van groen

amber gevat in stralenbogen

in zonsopgang, in mooie kunst

in beelden van een fotograaf

maar bovenal,

en dat vooral

als ik onpeilbaar diep

verzink in beider uwer ogen

 

 

Grunnegs gedichie

Lutje wichie

 

Lutje wichie, mooi gezichie,

loatgeboor'n kind van Zeus,

'k wil altied wel bie die bliev'm,

schitterende laidjes schriev'm,

ken'k die altied tuut’n

op dien mooie neus.

 

 

Zoute vloek

 

Terwijl de ouden

ongeremd

hun erger spuien

hun kwalen blank en bloot

op zee en havendijk

uitvoerig banken

 

De vloed, eb, irritant getij

voortdurend hen herinnert

aan eeuwigheid waar zij

geen deel aan hebben

Ziedaar de heimwee

ergernis

en zilt bejaarde tranen

 

 

Als ik klaar ben met kijken

zal ik dan eindelijk gaan zien? 

Is alles water, is alles lucht

Zijn leugens waarheid

of is het al

een en hetzelfde misschien?

 

 

Langs wegen, water- asfalt- klinker- zand

en ongebaande paden

zie’k bijna altijd trotse bomen staan

Geen woord teveel, toch eigen taal

die ik gebruik om u te duiden

dat

ook als ik er niet meer ben

het leven altijd door zal gaan

 

 

 alleen uit niets kan iets ontstaan

sta met leeg gemoed

wees eenzaam en alleen

met al die mensen om u heen

en schilder met uw hart en bloed

 

 

 

de wieken van de tijd

zijn tekens aan de wand

geen kent zijn lot

elk gaat zijn weg

maar als u nu uw tijd verbeidt

met wachten op wat komt

zal alles wat u zeggen wou

al eeuwen zijn verstomd