Woensdag, 01-02-2017

 

Voor vandaag heb ik een gedicht van vroeger van stal gehaald omdat het me de hele tijd door het hoofd spookt. Het gedicht verhaalt hoe ik als kind vreselijk mijn best heb gedaan iedereen ter wille te zijn, gedwongen door de harde wetten van thuis, en uiteraard van een koude kermis ben thuisgekomen. Omdat er namelijk altijd wel iemand te vinden is, die misbruik maakt van de goedwillendheid van een ander. Van mij dus, in dit geval.

Of de mens een egoïstisch beest is of niet, daar zijn de meningen nogal over verdeeld, wat wel waar is dat altruïsme een duidelijk menselijke zaak is.

In het dierenrijk lijkt altruïsme wel voor te komen maar dat blijkt uiteindelijk, na gedegen onderzoek, altijd een hoger plan te dienen zoals het in stand houden van de soort. Zodat het eigenlijk geen altruïsme is.

Zelf vind ik het een teken van echte beschaving als je bereid bent volkomen belangeloos iets voor een ander te doen, dan wel iets af te staan uit je overdaad. Wat eigenlijk ook een hoger plan is, natuurlijk. Maar helaas komt dat maar zelden voor. Wat mij er niet van weerhoudt om er mee door te gaan, ik kan gewoon niet anders. Het is part of my nature geworden (of het was er altijd al) en ik heb geen behoefte dat te veranderen. Nu, op latere leeftijd is ook het paradoxale karakter daarvan mij duidelijk geworden, al verscheidene jaren terug om eerlijk te zijn (1992), en toen heb ik van die ontdekking, als aanloop naar een Zen-cyclus, dit gedicht gemaakt:

 

RUINE

 

Nu:
Als straks de rook is opgetrokken van 't bouwwerk dat mijn leven was
waarin ik deed wat iedereen van mij verwachtte
en zo zichzelf kreeg opgediend door mij:
een dienaar van zijn eigen leven en van het uwe
terwijl ik zelf alleen maar fluist'rend toe kan kijken
hoe één na één de muren van mijn rijk wank'len
daar de wil en de idee waarop zij steun en grondvest zochten
mij verder nog ontbreken

Straks:
Wees welkom stilte, zie uw zoon die zich als nooit tevoren
terug zal trekken in ivoren toren
gebouwd uit pure leegte en spiegels zonder glans
met bovenop een tuin, een hof
gespeend van groei en bloei en licht
geen kleuren in die tuin
alleen maar het gezicht

 

Ook op mijn website te vinden, samen met veel andere pennekinderen.

 

Donderdag, 02-02-2017

 

Als je een hondje hebt en je laat het uit, word je geacht de drollen met een schepje en/of een plastic zakje (puutje zeggen ze hier in Groningen) op te rapen en in de daarvoor geplaatste vuilnisbakjes te gooien. Hetgeen ik al die jaren in deze wijk (17 jaar al weer) trouw gedaan heb, eerst met Bobby en Dasha, en nu met Pantoux. Standaard had ik een rolletje plastic boterhamzakjes in de jaszak, elke jas zijn eigen rolletje, zodat ik me in ieder geval keurig van mijn taak kweet. Nu staat er zo'n geel vuilnisbakje op de route, dus je zou denken dat het een makkie is voor de andere baasjes om dat ook te doen. Maar niets van dat alles. Verscheidene honde-eigenaren staan er onverschillig bij als het beest op de hurken gaat en er is één grasstrook waar je echt niet meer veilig kunt lopen zonder met bruine zolen weer thuis te komen. Ik constateer dat al jaren, was eerst kwaad op die mensen, toen sloeg de onverschilligheid toe (je kunt er toch niets aan doen) en nu heb ik in een van mijn jassen geen rolletje boterhamzakjes meer.
Ik eerst heel stoer ook nonchalant kijken toen Pantu een fraaie drol legde, mezelf goedpratend, ach, niemand doet het, dus waarom zou ik dan weer de enige brave Hendrik spelen, maar het zit me toch niet lekker.
Een geweten fluistert heel zacht maar je hoort het altijd. En zo slaat de verloedering heel sneaky toe.

Het moge duidelijk zijn, de stoere Alex is nu al aan het verliezen. Straks zal ik weer zo'n rolletje in mijn jaszak doen, ik beloof het U. Voor al diegenen die het heel stiekem eigenlijk met me eens zijn en het niet durven: doe het! Laat u niet kennen, doe die zakjes in uw jaszak en loop trots, zwaaiend met het volle zakje naar de dichtstbijzijnde vuilnisbak.

Die gerechtvaardigde trots zal uw beloning zijn plus de enorme waardering van uw wijkgenoten. Of anders wel de lieve glimlach van uw mooie buurvrouw.

 

Vrijdag, 03-02-2017


Ik ben een man met een stevige missie, misschien zelfs wel een obsessie. Mijn zoektocht naar de waarheid, hetgeen de missie immers was, heeft geresulteerd in een redelijk economisch, filosofisch en psychologisch inzicht, heeft me naar de Kunstacademie gebracht, me er net zo hard weer af laten gaan.
Naar pottenbakkers, fotografen en beeldhouwers gestuurd om te leren, me opgezadeld met waanideeën maar ook met heel goede invallen en me gebracht tot waar ik nu ben: hier typend aan het stukje dat u nu zit te lezen.
Maar met obsessies is het net als met pijn; je hebt geen pijn, je wordt pijn, je bent een obsessie. Gelukkig kleeft er een groot voordeel aan obsessies, meerdere zelfs, maar eentje wil ik specifiek benoemen: je trekt je er niets van aan wat andere mensen van je vinden.
Maatschappelijk aangepasten zouden dit juist een nadeel vinden maar vanuit het standpunt van de obsessiebezitter is dit een zeer effectieve en gunstige eigenschap. En zolang er maar niets ernstigs of dramatisch gebeurt, blijft dat ook zo want het houdt je scherp en gefocust.

Totdat je verliefd wordt! Opeens is het belangrijk wat een ander van je vindt, hoe je er uit ziet, of je haar gekamd is, je kunt het zo gek niet bedenken hoeveel zorgen je je dan maakt. Ik kom hierop omdat Sandrine, waarmee dit dagboek ooit begonnen is, binnenkort jarig is. Dat was helemaal niet erg geweest als ik het maar niet geweten had. Want ik onthoud nooit verjaardagen (daar ben ik bekend om én berucht) maar deze dus wel. En het ziet er niet naar uit dat de eigenaresse van deze verjaardag spoedig uit mijn hoofd en mijn hormonen zal verdwijnen, merk ik nu. Ja, ja, zelfs op deze leeftijd nog!
En nu zit ik weer in dubio: bel ik haar wel of bel ik haar niet, feliciteer ik haar of doe ik het niet, vreselijk!
Mocht er in dit dagboek de komende dagen af en toe een kleine Française langs dwarrelen waar ik nog steeds romantische gedachten bij heb, ik vraag bij voorbaat vergiffenis. Want sommige dingen in deze wereld zijn sterker dan voornemens en leefregels, ja, zelfs sterker dan Calvijn, en de vleselijke liefde is daar één van. Helaas. En gelukkig maar, ook!

 

Zaterdag, 04-02-2017

 

Naast de mensen die ik gisteren al genoemd heb (pottenbakkers, fotografen en beeldhouwers) heb ik ook erg veel gehad aan de gesprekken met een musicus, François Mollinger-van Eeden, compositieleraar van onder meer Ronald Brautigam, bekend bij mensen met een klassieke insteek. Met deze man, ontmoet aan de ronde kunstenaarstafel (de Dodentafel genaamd) van de Stadtlander, roemrucht café te Groningen, heb ik korte, intense gesprekken gevoerd over, vooral zijdelingse, zaken die de Kunst met een Hoofdletter betreffen. Wat mij het meeste bijstaat is een logeerpartij op het Friese platteland toen hij bij een struise en toch chique Friese blondine was ingetrokken. Behalve een concert in de voormalige boerenschuur (de vleugel was meer waard dan de hele boerderij bij elkaar) waarin hij de piano aanviel als een roofvogel, werkelijk fantastisch, was het hoogtepunt toch wel de vroege morgenstond in de moestuin.
Peultjes, u weet wel, die mooie platte boontjes, moesten 's morgens geplukt volgens François, om 's avonds des te lekkerder te zijn. En al plukkend hebben we veel kunnen praten in de vroege morgenstond, zoals dat zo mooi heet.
Daarna 's avonds de peultjes zachtjes stoven in de boter, nog net knapperig en dan een vleugje peper er over, goddelijk! Ook bezat hij een aantal van die lelijke, schattige honden, bull-terriërs, waarvoor hij binnenshuis een oplossing zocht om ze in een bepaalde kamer te houden. Ik heb toen een schuinstaand hekje voor hem gemaakt zoals je ze tegenwoordig ook op dijken en boven vee-roosters vindt, ze vallen vanzelf dicht en kunnen maar naar één kant open.
Wat François de opmerking ontlokte: sinds ik jou ken, weet ik wat creatief is. Wat ik als een groot compliment accepteerde. Ook had ik hem een deurgroot schilderij gegeven dat ik toepasselijk vond, een geabstraheerde visarend die zijn prooi uit het water sloeg, en die werd ook onmiddellijk aan de schuurdeur geprikt met een aantal punaises. Hij vond hem schitterend. Met daarna de verrassende bekentenis dat hij kleurenblind was.
In zijn nadagen heb ik hem nog een keertje gezien in Tsjechië, op het stadsplein van Ceský Krumlov, een schitterende stad onder Praag. Hij leek heel gelukkig en daar heb ik het bij gelaten, heb hem uit eerbied niet aangesproken.Tot de dag van vandaag weet ik niet of ik daar goed aan heb gedaan, maar gedane zaken nemen nu eenmaal geen keer.
Ik weet zelfs niet eens of hij nog wel leeft, naspeuren op het internet is tot dit moment niet succesvol geweest. Maar de peultjes waren goddelijk en ik kan ze niet eten zonder aan deze heel bijzondere man te moeten denken.

 

Zondag, 05-02-2017

 

Ik was in Tsjechië verzeild geraakt (dagboek van gisteren) met een toenmalige vriendin die een Toyotaatje Starlet bezat. En als je al heel lang geen auto gereden hebt, en dat was bij mij het geval, is zelfs zo'n ding een opperste luxe.
Wij met vakantie naar het Oosten, Praag was het einddoel, daar hadden we een soort stadscamping gevonden van waaruit wij heel gemakkelijk alle kanten op konden.
Zij was geen lange afstanden gewend, en ik had geen rijbewijs, toentertijd. Dus deden we het in twee dagen. Ergens in Midden-Duitsland boven Frankfurt hebben we overnacht op een camping. Wij hadden een Alpenkreuzer bij ons (kun je nagaan, achter een Starlet) en een handige jongen als ik had die vouwtent in twintig minuten bedrijfsklaar. Ideaal, zo'n ding, een openbaring. Er was ook nog een extra voortent bij voor als je wat meer tijd had en/of wat luxer wou kamperen, nou, daar kon je wel een eettafel in zetten met 6 stoelen, zo groot. 't Is dat ik nu geen trekhaak op mijn huidige auto heb, maar anders...
De tweede dag op naar Praag. Dat moet je gezien hebben. Elke beschrijving is te karig.
Men was al een tijdje bezig om de stad helemaal op te knappen, inclusief de goudverf en alles wat er bij zo'n weelderige stad hoort, en het zag er bijna allemaal al keurig uit. Een goedkope stad om te wezen was het toentertijd ook nog. Voor een paar guldens een dagmenu. Aan de oevers van de Moldau.
Natuurlijk de memorial gezien van de Praagse Lente, de herdenkingssteen van Jan Palach, de student die zichzelf in brand stak als protest tegen de Russische inmenging in (toen nog) Tsjecho-Slowakije. Hij was niet de enige, wist u dat? Er waren wel 10 zelfverbrandingen toen als protest. Maar Jan was de eerste en daarom hebben ze een plein naar hem vernoemd. En wat te denken van het huisje van Kafka, piepklein kamertje, keukentje en een pleetje achter, aan de overkant van de rivier bij de St. Vitus-kathedraal. Waarvoor je eerst over de beroemde Karelsbrug met zijn beelden moest om daarna de bult te beklimmen waar die kathedraal op stond. Het stamcafé van deze beroemde schrijver hebben we nog bezocht voor een echte Pilz, zoiets blijft toch een beetje magisch. Dat je op een stoeltje zit waar een Palach of een Kafka ook met zijn reet op heeft gezeten. Ons werd bezworen dat het nog steeds dezelfde stoelen waren, opgeknapt en wel.
Verder moest je natuurlijk de oude binnenstad met de Joodse Begraafplaats gezien hebben, waar op 1 hectare zo'n 100.000 mensen begraven zijn (meer dan 12.000 grafstenen) met soms wel 10 graven boven elkaar.

Teveel te zien daar om op te noemen, ga er heen. Verplicht!
En we deden uiteraard een concert. Dat moet als je in Praag bent, kaartjes voor verschillende concerten kun je gewoon op straat kopen. Wij gingen naar een klassiek concertje van een kamerorkest in een bijzaal in het grote concertgebouw. En toen het eerste stuk inzette, eine kleine Nachtmusik, u kent het ongetwijfeld, riep de vriendin uit: dat stukje ken ik! Het schetst geen verbazing dat vlak na de vakantie de verkering wel uit was. Ze hield niet meer van mij (waarschijnlijk was mijn afkeuring te goed op mijn gezicht te lezen geweest, wie zal het zeggen). Maar Praag heb ik gezien dank zij haar. Er is geen wolk zo zwart of er zit wel een gouden randje aan.
Later dus naar de stad Ceský Krumlov waar ik het gisteren over heb gehad. En waar ik, behalve die niet-ontmoeting, ook nog een bijzonder indrukwekkende expositie van het werk van Egon Schiele heb mogen aanschouwen. Fantastische vakantie, exit Starlet-bruidje. Dag Marie-Anne! 't Was toch fijn.

 

Maandag, 06-02-2017

 

Te druk om te schrijven, kan ik eigenlijk wel zeggen, dus ben ik gewoon achter de monitor (of is het er voor?) gaan zitten en ben begonnen met schrijven dat ik het te druk om te schrijven heb. Had een huishouddag waar ook al niet te veel van terecht is gekomen, want het hoofd loopt om door een middernachtsgedachte van vrijdag op zaterdag. En die wil ik u toch niet onthouden.

Ik kon de slaap niet vatten, voor mij hoogst ongebruikelijk en mijn hoofd kraakte zowat van het denken. Ik was niet aan het tobben, ik was gewoon aan het werk en dat ging behoorlijk buiten mij om. Althans, zo leek het, ik weet natuurlijk best dat er niets buiten mij om gebeurt in mijn hoofd. En opeens had ik hem (de gedachte) te pakken, ik mijn bed uit, gauw computer opgestart (die staat meestal wel stand-by voor dit soort momenten) en het volgende genoteerd: mensen met een obsessie herscheppen, in hun poging hun eigen chaos te duiden, de chaos van anderen. (chaos is het niets waaruit alles ontstaat). Dit is de ware betekenis en inhoud van Kunst met een grote K. En de enig wezenlijke vooruitgang die de Mensheid kent. Ik troost me met de gedachte dat ik zo'n schepper ben.
Ik was natuurlijk hierop gekomen door mijn bekentenis van vrijdag (ik ben een man met een stevige missie, zeg maar gerust obsessie) en bij mij werkt het dan zo dat zo'n zelfbewuste uitspraak wel op zijn merites getoetst moet worden. Dat schijn ik dus gewoon in mijn hoofd te doen, al wandelend met de hond bijvoorbeeld of als ik gewoon aan de was ben. Dan weet ik van niets, denk niets echt bewust behalve dan over dat, waar ik op dat moment mee bezig ben en opeens kan het zo maar tevoorschijn floepen. Dat gebeurde nu dus midden in de nacht.
Gauw uit bed, gauw de geboorte van de gedachte gemaild naar Jacques opdat ik het niet kwijt zou raken.
Jacques, die tegenwoordig mijn dagboekstukjes controleert, vond het achteraf gelukkig niet erg, hij heeft zelf ook een drukbezette nacht af en toe. En nu is de boreling aan het landen in mijn hoofd.
De inval wordt getoetst op alles wat ik ooit gewrocht heb in de Kunst voor zover ik dat nog weet (en dat is gelukkig het meeste), tot aan dit eigenste moment heb ik niets gevonden wat de keuring niet zou kunnen doorstaan. Daar ben ik erg blij om. En die troost? Ach, ik ben ook maar een mens, ook ik heb af en toe wel eens een steuntje in de rug nodig. Ondanks de verhevenheid van de zo onverwachte nocturne. En over de monitor: in een auto zit je ook achter het stuur, dus neem ik aan dat je op de computer ook achter het toetsenbord zit. En vóór de monitor.

 

Dinsdag, 07-02-2017

 

Maandag nog een keertje voor buuv gekookt, spaghetti bolognese met rundergehakt, ze vindt het erg lekker wat ik maak. Dat doet mij goed. 't Is vreemd, als ik voor anderen kook, loop ik te zingen door het huis, besteed ruim tijd voor de mise-en-place, sta relaxed julienne te snijden, te pellen, te schillen en te ciseleren, kan vreselijk chagrijnig worden als het koken zelf mislukt (wat heel sporadisch voorkomt) maar als ik voor mezelf moet koken, maak ik me er maar een beetje van af.
Ik zorg dat ik de juiste dingen binnen krijg en niet te veel van die dingen die ik juist niet zou moeten eten en daar blijft het dan bij. Maar het is een ook beetje misleidend bij mij als je het over verkeerd eten hebt, soms moet ik mijn intuïtie volgen om er achter te komen dat mijn lijf om bijvoorbeeld melkproducten bedelt, maar soms heb ik enorm veel zin in foute lekkernijen. Die twee dingen hebben natuurlijk een verschillende oorsprong maar een zelfde uitkomst. Bij beide opties sta ik verlekkerd naar iets in de supermarkt te kijken terwijl de ene optie bedoeld is om je lichaam in conditie houden, en de andere duidelijk de functie van troostvoer vervult.
Wat kan helpen is, dat als je naar de supermarkt wil gaan, dat je dan van tevoren goed eet. Met een hongergevoel koop je de halve winkel leeg, met een volle maag beperk je je tot het boodschappenlijstje. Wat je dan natuurlijk wel eerst moet maken. Het werkt. Echt waar! Proefondervindelijk bewezen. Het vervelende is natuurlijk dat als je arm bent, je, voordat je naar de winkel gaat niet goed kúnt eten en dan van de weeromstuit teveel of juist alleen maar troostvoer gaat kopen. En dan vaak ook nog eens in de goedkopere supers, wat niet altijd (zeg maar gerust zelden) een aanbeveling is.
De oorzaak van het structurele overgewicht van de laagste klasse in onze maatschappij zou wel eens in deze vicieuze cirkel kunnen liggen. Rijke mensen zijn over het algemeen in een betere lichamelijke conditie dan arme sloebers, generaliserend bekeken. Die komen dan ook niet in de betere restaurants, hebben geen verstand van voeding en koken en zijn derhalve aangewezen op McDonald's en andersoortige, cafetaria-achtige gelegenheden. Als ze al de deur uitgaan om te eten.
Maar dit alles is natuurlijk gebazel en geneuzel als je de hongerende kinderen rondom de Sahel en elders ter wereld ziet, ook nog eens gekoeioneerd door vijandige geloofs-systemen die hun weerga niet kennen. We zijn nog lang niet af van religieus misbruik op deze wereld, goede scholing is een eerste vereiste, tenminste, als je wel eerst je buikje vol hebt.
Zelfs in het "verlichte", over het algemeen goed geïnformeerde Nederland wordt nog steeds een hoop "afgezweefd" en "bijgeloofd", soms met catastrofale gevolgen. Maar gelukkig hebben we het world wide web, dat, volgens mij, de sleutel is tot universele informatie en beter onderwijs. Het zal nog wel even duren maar het is niet voor niets dat dictatoriale systemen het open internet van alle kanten proberen te blokkeren.
Hun nauwelijks geschoolde bevolking zou er eens achter kunnen komen hoe sommige vorken in sommige stelen zitten. Dan is het met hun macht gedaan! Maar daar hebben we wel een hoop geduld voor nodig. En dat zal mijn tijd nog wel duren, helaas!

 

Woensdag, 08-02-2017

 

Ik zal u gaan vervelen met een voor mij heel oud probleem. Het is een van de eerste conflicten die ik tegenkwam na de ontdekking dat ieder mens zijn eigen wereldbeeld met zich mee draagt, dat er dus niet zoiets is als een gezamenlijke wereld.
Ja, natuurlijk wel, die ronde bol die daar om zijn ster zijn rondjes draait en door zijn eigen draaiing een dag- en nachtzijde kent met een maan die eb en vloed veroorzaakt, door zijn schuine as ook nog seizoenen kent (wat hebben wij mensen toch al veel ontdekt, niet?), ja natuurlijk, die hebben we gemeen.
Dat al die gunstige omstandigheden hoogstwaarschijnlijk geleid hebben tot het ontstaan van leven, inclusief uw leven, ach, daar zijn we met z'n allen toch wel zo'n beetje uit. Een enkel geloof zo links en rechts dat er nog iets anders over denkt (daar hebben we een mooi hokje voor gemaakt, genaamd “creationisme”) ten spijt, kunnen we er toch wel min of meer van uitgaan dat het zo ongeveer in zijn werk is gegaan. Dus die bol, ja hoor, die is er wel. Maar zoals u tegen die wereld aankijkt, dat is uw zaak, uw visie en uw overtuiging. En dat mag. Gelukkig maar. Uw gedachten zijn echt vrij.

Door de Nederlandse Vrijdenkersvereniging De Dageraad, sinds 1957 De Vrije Gedachte geheten, verwoord in het volgende lied:

 

De gedachten zijn vrij!
Wie raadt ze daarbinnen?
Zij dansen voorbij,
Als nachtelijke schimmen,
Geen mens kan ze naken,
Geen jager ze raken,
Laat wezen wat zij:
De gedachten zijn vrij!

 

En zo nog drie coupletten waarvan de context duidelijk is, er is geen beperking (anders dan criminele) te bedenken voor uw gedachten. In uw hoofd woont u op een heel andere wereld dan ik. Op dit moment zo'n 7,5 miljard werelden! Elk mens zijn eigen. En op die wereld wilt u graag doen wat u het leukste lijkt, u doet uw best om dat te bewerkstelligen en dat alles vanuit een gezond soort egoïsme. Het is immers uw wereld!
Nu het probleem! Er was eens een vrouw die vanuit dat gezonde egoïsme niets liever wou dan een arme sloppenwijkbevolking helpen, dan voelde ze zich het gelukkigst. In India, Calcutta. Daar werd ze later door haar eigen geloofsgenoten heilig voor verklaard. Inderdaad, Moeder Theresa. Agnes Gonxha Bojaxhiu was haar echte naam.
En om te bewijzen dat het vanuit haar eigen gezonde egoïsme was, verklaarde ze, tijdens de huldiging waar ze de Nobelprijs voor de vrede ontving, na het bedankje gelijk maar de oorlog aan de abortus. Dat was nu eenmaal haar wereldbeeld.

Oei, dat was even erg ongemakkelijk. Maar die heiligverklaring door haar eigen paus ging gewoon door. Ergo: als je altruïst bent vanuit je egoïsme, wat ben je dan. U snapt het al, het gaat eigenlijk niet over Moeder Theresa, het gaat over mezelf.
Doe geen moeite, ik ben er al heel lang uit en verklaar mezelf tot een grote egoïst die doet wat hij het leukst vindt, namelijk altruïst zijn, anderen helpen, if possible. Aan u de keus, ben ik het een of het ander? En uw keus bepaalt uw standpunt over mij in uw eigen wereld. Dat mag! Wat heet, dat moet zelfs! En wat u ook maar van mij vindt, mij raakt het niet, het is immers uw wereld.

Waar uw gedachten vrij zijn. En geen mens ze kan naken, geen jager ze raken!

 

Donderdag, 09-02-2017

 

Woensdag de hele dag in de weer geweest, Wia een beetje telefonisch opbeuren, tussen de middag wat warms eten (ik had nog wat zelfgemaakte bolognesesaus staan, dus een pastaatje er bij en klaar is Kees) , 's middags weer naar Wia voor een gecrashte computer, niet meer in beweging te krijgen, dus naar de computerwinkel, voor je het weet is de dag om. En dat is maar goed ook, want op de helft van deze maand ben ik al ruim over de helft van mijn centjes. Soms gaat dat zo.

Wel heb ik nog samen met buuv eergisteren een mooie leren jas veroverd in de Jan Splinterwinkel, zoals ik de minimawinkels altijd noem. Ziet er erg goed uit, lekker warm en dat is mooi want we krijgen nog een winter, voorspelden de meteorologen, te beginnen met vandaag. En niet duur, die jas, slechts een tientje, maar wel weer een tientje.
Maar nu ik dit verhaaltje opschrijf denk ik opeens: ...en klaar is Kees? Wat een rare uitdrukking, eigenlijk. Dus ik een beetje etymologisch op zoek, eerst dacht ik een Anglicisme, the “case” is ready, the “case” is done, maar een puur Nederlandse verklaring kwam me uiteindelijk toch wel meer logisch voor.
Deze krijgt mijn voorkeursstem: op de Veluwe heet de beer, het mannetjesvarken dus, Kees. Als die langs kwam voor de zeug dan was het al snel: ...en klaar is Kees. En daarvan schijnt dan ook weer het werkwoord kezen vandaan te komen, waarvan wij de betekenis natuurlijk allemaal kennen. En voor wie het werkwoord niet kent, men zoeke het op, men krijge rode oortjes en voor je het weet: klaar is....

Ach, ach, ach, die Biblebelt, toch!

 

Vrijdag, 10-02-2017

 

Van een Fb-vriendin, via-via gedeeld, afkomstig van de Waddenvereniging: mooi filmpje over de bouw van het beleefcentrum op de Afsluitdijk! Ik citeer: ...in het beleefcentrum 'De Nieuwe Afsluitdijk' kunnen bezoekers straks het verhaal van Werelderfgoed Waddenzee, de Vismigratierivier en het IJsselmeer beleven. Een aanrader..... einde citaat.
Een “beleefcentrum”, god betere het. Zelfs mijn automatische correctie herkende het woord niet eens. Een beleefcentrum!
Als Youp van 't Hek dat leest, zijn ze nog niet jarig. Hoe bedenk je het. Eerst moet je er heen, zeg, vanuit Assen. Okay, slechte keuze, die beleven daar zelf al genoeg in die opwindende stad! Nou, vanuit Amsterdam dan maar, daar is toch nooit wat te doen. Dus dan is zo'n beleefcentrum het ei van Columbus. Hè, hè, eindelijk es wat te beleven. Ik heb het woord nu al zo vaak getypt dat het u gaat irriteren, nou, da's dan goed, beleeft u tenminste ook weer eens wat.

Jacques, mijn corrector, vindt dit geen leuk grapje. Ik wel!
Ben je voorbij Alkmaar vanuit Amsterdam, komt op een gegeven ogenblik het vliegveld Middenmeer aan je rechterhand voorbij. Waar je ontzettend mazzel moet hebben, wil je daar een vliegtuig zien landen, dan wel opstijgen. Spannend! Wat een belevenis! En bij Den Oever aangekomen, moet je over de sluizen (70!, denk er om, beheers uw rechtervoet) (kijk uit, het kan er erg hard waaien) en daarna even de vrijheid, 130 toegestaan dus iedere entrepreneur rijdt daar minstens 170, zo voorspelbaar, zo saai! Kansen zien, tijd is geld. Maak plaats, maak plaats, maak plaats, opzij, opzij, opzij zong iemand al eens (die had het vast niet over ondernemers!) Boring! Op z'n Engels..... dus saai, saai!
Eindelijk!!! Ja, ja, het BELEEFCENTRUM. Van de Waddenvereniging nog wel ! Volgens die milieuclub zelf: ….bij Kornwerderzand realiseren wij het Design & Build van het Beleefcentrum De Nieuwe Afsluitdijk (DNA). In het Beleefcentrum kunnen bezoekers.... Het Design & Build....potverdomme, het kan niet op! Ontwerpen en bouwen, altijd wat nieuws, die Afsluitdijkers. Zo maak je toch geen centrum! En wat gaan we daar dan wel beleven?
Het fascinerende vervolg... “….Beleefcentrum kunnen bezoekers het verhaal van UNESCO Werelderfgoed Waddenzee, KH2018, de Vismigratierivier, de toekomstige Afsluitdijk en het IJsselmeer beleven. Doel van het project is het versterken van de toeristische-economische structuur door ontwikkeling van de Afsluitdijk, een belangrijke toeristische toegangspoort voor Fryslân en Noord-Holland. Hiermee wordt direct en indirect de toeristische werkgelegenheid in de omliggende regio vergroot..... Wij staan sprakeloos, eerlijk waar. Voor Fryslân ook nog. Dat is toch....jawel, aan de andere kant van de dijk, echt waar! Friesland heet het eigenlijk, maar ja, die Friezen, hè!
Terug, we zijn nog niet klaar met beleven, die Friezen komen later wel aan bod. Geloof me maar. Daar sta ik als Groninger garant voor.
“Het wordt een totaalbeleving met daarin onderdelen die Kornwerderzand en de Afsluitdijk tot een bezienswaardigheid maken. De bezoeker ervaart niet alleen exposities, maar krijgt verschillende panorama's op het landschap en de dijk cadeau, met als beloning het dak als ultiem uitzichtplatform.”
Ik ben nogmaals verbijsterd: ik ervaar een expositie, gewoon kijken naar is er niet meer bij, de ervaring telt alleen binnen de totaalbeleving en ik krijg ook nog es wat uitzichten cadeau. En bij dat cadeau krijg ik ook nog een beloning, jawel, een dak! Als ultiem uitzichtplatform. En dan is er ook nog KH2018, als u dát weet bent u een echte bolleboos (of een Leeuwarder) en hebt u al genoeg beleefd. Het is teveel, ik kan (en wil) het ook niet meer bevatten. U krijgt drie dagen geen dagboek van mij, dit is geestelijk voedsel voor minstens een halve week.
Alleen stel ik die drie dagen wat uit, tot begin Maart, dan ga ik een weekend naar onze zuiderburen, naar mijn Belgische vriend en zijn echtgenote. Rik en Erika. Dan kan ik hen vertellen van een Beleefcentrum op de Afsluitdijk, zij zullen hun oren niet geloven. Dat beloof ik u. Zij zullen daar in het zuiden niet weten wat ze beleven!

 

Zaterdag, 11-02-2017

 

In verband met mijn weekend België oppas geregeld voor Pantu bij zijn vaste logeeradres in Hoogkerk, een geannexeerd dorp ten westen van Groningen. Nu bij de gemeente Groningen horend, zeg maar. Ja, anders was het niet geannexeerd, toch?
Nog afgezien van het feit dat een van mijn eerste grote liefdes daar woonde, die mij wreed verraadde voor een mooiere jongen en waarschijnlijk meer macho, woonde daar ook Bertus.
Bertus was mijn lagere school-vriendje en die had een piano thuis, waarop hij de blues kon spelen. We waren nog maar 10, 11 jaar, maar Bertus heeft duidelijk de kiem gelegd voor mijn latere liefde voor muziek. Ik was hem al heel lang vergeten, eerlijk gezegd, maar door het schrijven van dit dagboek komt er weer veel naar boven drijven. Zijn vader werkte in de kartonfabriek in Hoogkerk. De Halm heette die fabriek en mijn vriendschap met Bertus ging zover dat ik wel met hem naar zijn huis fietste, toch een behoorlijk eindje van mijn eigen huis in Groningen af. En dan speelde hij de blues voor mij. En dat was enorm want met muziek en dieren werden wij thuis niet opgevoed. Na heel lang zeuren kreeg ik van mijn ouders een mondharmonica en het eerste wat ik daarop moest leren spelen was het Wilhelmus.
Dat het überhaupt nog is goedgekomen met mij, mag toch wel een groot wonder heten. Maar dat terzijde.
Door de vader van Bertus kregen wij beiden ook een vakantiebaantje daar, om een paar centen te verdienen. Ik had nog nooit zo'n fabriek van binnen gezien dus dat was een hele belevenis. Nu ik, veel later, tientallen fabrieken van binnen heb gezien om bij te verdienen en de twelve-bar weinig geheimen meer voor mij heeft, ik moeiteloos verbaal of op de sax of met de harmonica mee kan met elke blues die ik op de radio of elders hoor, besef ik pas hoe mooi muziek is in een mensenleven.
En via die blues heb ik de ontwikkeling van de muziek in omgekeerde volgorde doorlopen. Van de twelve-bar blues naar de wat complexere, via Blind Willie McTell naar Billie Holiday en van Billie naar de grote Jazz. En heel voorzichtig door naar de Klassieken. En naar de peultjes van François Mollinger-van Eeden (zie vier februari).
Tegenwoordig schilder ik het liefst met Bach of Tsjaikovski, of een van de romantische Russen. Wat een mens allemaal kan overkomen, alleen maar door te leren luisteren. Geweldig eigenlijk.
Ik ben zelfs nog aan muziek schrijven toegekomen (vierstemmig!), ook niet verkeerd, heb in de muziek vele herinneringen liggen. Bijvoorbeeld een optreden in de al eerder genoemde Jazzclub De Spieghel met een workshop waar ik een eigen geschreven stuk mocht dirigeren. Die workshop was onder leiding van bassist Gerard Ammerlaan. Een grote naam in de noordelijke jazzwereld. Het stuk heette Apparently Easy, ik weet het nog als de dag van gisteren.
Het dirigeren was knudde, de belevenis des te groter.
Helaas is Gerard in 2011 veel te vroeg overleden. Ook al. Ik besef dat het onvermijdelijk is, dat als je zelf wat ouder wordt, de mensen om je heen beginnen te verdwijnen maar wennen doet het nooit, vrees ik. En in mei word ik al 69, wie had dat ooit gedacht. Ik niet, in ieder geval.


Zondag, 12-02-2017

 

Was gisteravond volkomen uitgepierd, de hele dag bezig geweest om de gecrashte laptop van Wia te repareren, althans, een poging daartoe te doen. Een oude SSD er in, past niet. Anders geformatteerd, MBR in plaats van GPT (voor de insiders) en probeer dat maar es te veranderen. Dat kan alleen als je een programma koopt, voor bijna net zoveel geld als een nieuwe SSD-schijf. Goede raad is duur, Wia besloot dan toch maar een nieuwe harde schijf aan te schaffen, dus die kan ik maandag ophalen en monteren om daarna de laptop opnieuw te kunnen installeren. Gelukkig heb ik van de oude schijf nog wat bestanden kunnen halen, dat scheelt weer.
Arme meid, ook dat nog. En dan denkt ze ook nog dat zij die schijf zelf kapot heeft gemaakt, lief digibeetje dat ze is. Anderen (kennissen) wisten ook geen oplossing, ga van het weekend nog wel van alles proberen maar ik heb er een hard hoofd in. Zal nog wat rondtoeteren wat mijn probleem is, wie weet komt er toch nog een oplossing, maar ik heb het wel even gehad.
Maar ja, ik ken mijzelf, je moet ook niet raar opkijken als je mij vannacht om driehonderd uur nog achter dat ding ziet zitten. Ik kan het domweg niet uitstaan dat we de spulletjes zo maken, dat alles weer opnieuw geld moet gaan kosten, veel geld.
Maar mijn visie op het Westerse economische systeem is genoegzaam bekend, zeker voor de bezoekers van mijn Facebookpagina. Ik ben er zo flauw van dat ik zelfs geen leuk einde voor dit verhaaltje kan bedenken, dus het moet zo maar. Gelukkig zijn er nog computers die het wel doen zodat
A. u het kunt lezen en
B. ik het kon schrijven.
Moi.

Verklarende woordenlijst:

SSD - Solid State Drive
MBR - Master Boot Record
GPT - Guid Partition Table

 

Maandag, 13-02-2017

 

Nadat ik Zondag uitgeslapen had tot twintig voor acht (!) ben ik gelijk maar weer doorgegaan met de computerklus. En plotseling herinnerde ik me dat ik een reserve-SSD in de kast had liggen voor back-ups. Maar aangezien ik die backup tegenwoordig online doe, was ik die helemaal vergeten. Harde schijf er in, opstartprobleempjes oplossen en ja hoor, daar begon hij met de installatie. En nu, uurtje later, klaar. De laptop draait als nooit tevoren! Snel, adequaat en nu helemaal compleet Win10 er op.
Achteraf gezien is die harddisk van Wia nooit goed geweest, nog geen jaar oud en heel weinig draaiuren en toch kapot. En altijd klachten dat hij zo traag was. Dat is nu wel over. Apetrots, ik! Nu nog de uitgebreide klus van bestanden opnieuw installeren, foto's opnieuw veroveren, nog een heel werkje!
Dat moet natuurlijk samen met Wia, ik hoop dat ze het allemaal aan kan. Nou ja, ik ben nu toch opeens een beetje een mantelzorger geworden.
Voor de SSD met MBR-indeling is er ook een oplossing, ik neem hem mee naar Rik in België, die heeft een Mac en daar kan het wel mee. Die Mac voelt zich heus niet bezwaard om Windowsbestanden (de concurrent!) weg te gooien. Dus dat komt begin maart ook helemaal goed.
En zo werd het toch nog een gezellig weekend in mijn hoofd. Had nog een paar NCIS-afleveringen op de schijf staan, die moesten er dan maar aan geloven. Beetje hangmat, beetje TV en helaas geen beetje Sandrine, wiens verjaardag het was. Maar daar heb ik toch heel weinig last van gehad, mede natuurlijk door het gepruts aan die laptop. Arbeidstherapie! Die heeft in dit geval goed geholpen.
Doe maar wat nuttigs in plaats van achter de vrouwtjes aan te lopen, zeiden ze vroeger. En zo is het. Toen, opeens, nog voor ik de hangmat in zou duiken wist ik wat ik met het schilderij Molenbeek aan moest. Dat was zo gepiept, nu nog signeren en vernissen, en dan kan die voor de export naar Koersel. Wat een dag!

Wia dolgelukkig met de nieuwe computer, voor zover mogelijk, die kon ook gelijk lekker slapen, weer een zorg minder. Want slaap geneest, de eeuwige slaap het best!


Dinsdag, 14-02-2017

 

Maandagmorgen werd ik wakker na een heerlijke nacht, tevreden als ik was met de klussen en alles van het afgelopen weekend.
Ik klom omhoog uit een heel diepe slaap, pakte mijn bril die altijd op dezelfde plek ligt, zette hem op en ging vervolgens op zoek naar mijn bril, omdat die niet op zijn vaste plekje lag...
Maar geen reden tot paniek, dit soort momenten heb ik mijn hele leven al. Er nooit ongerust door geworden, vond ik die klimtocht uit mijn onderbewuste waardoor ik niet direct op deze wereld was, altijd erg fijn. Heb hem ook wel eens kunstmatig meegemaakt in het ziekenhuis (algehele verdoving, eigenlijk ook heel diep in slaap) en ook daarvan heb ik wel prettige beelden.
Dat in tegenstelling tot mijn “bewuste” afdaling in mijn geest door meditatie en/of combinatie van drank en een stickie (ja, ja, ook dat heb ik wel geprobeerd, nieuwsgierig als ik was naar wat er allemaal in mijn hoofd gebeurt). Want wat ik daar allemaal gezien heb, dat durf ik nu nog niet te schilderen. Maar laat ik het zo zeggen, de Hellepoort van Rodin is er niets bij vergeleken.
Wel heb ik daardoor groot begrip gekregen voor het werk van veel expressionisten die het wel durfden, die rechtstreeks vanuit die hel hun verf op het doek smeten. Of die al dan niet therapeutisch bezig zijn/waren, dat doet nu even niet ter zake.
Het ergst waren de beelden die ik kreeg tijdens mijn “rebirthing”. Die ik kunstmatig opgewekt heb. Dat moet je wel in een volkomen nuchtere staat doen, anders is het levensgevaarlijk.
Ik kan u zeggen, die ervaringen gun je zelfs je ergste vijanden niet. Of misschien juist wel, want die beelden, samen met het begrip dat ze veroorzaken, zijn uitermate helend voor alles wat er mis is gegaan/kan gaan gedurende je leven. Louterend, noemen ze dat.
Afleidingen van veel van dat soort beelden kun je in films als Tolkien's Ban van de Ring en andere zogenoemde Fantasy terugvinden, de monsters, de trollen, de hel van de Doemberg, de Zwarte Vorst; voor mij zijn dat soort beelden alleen maar herkenning, dus die kosten mij niet mijn nachtrust. Dat ik daar zelf niet meer bang voor ben, is trouwens wel iets anders dan het niet durven schilderen, dat is een stap verder. Misschien is dat mijn verantwoordelijkheidsgevoel naar de toeschouwer, misschien wreekt zich daar mijn te streng-gelovige opvoeding die mij ervan weerhoudt er in beelden over te berichten, ik heb geen idee, eigenlijk. “Gij zult uzelf geen beeltenis van mij maken....” Ja, ja!
Ik ben er namelijk heilig van overtuigd, dat de geboortegrond van dit soort onbewuste beelden voor de meeste mensen precies die plek is waar hemel en hel geboren worden, waar religies ontstaan, waar de doodsangst gevoed wordt. En elke therapeut en elke psychiater weet dat je precies die (doods)angst overwinnen moet, om te kunnen leven.
Nu heb ik natuurlijk het voordeel dat ik in beelden denk, dat mijn fantasie beelden maakt die ik vervolgens heel gemakkelijk op een doek kan zetten met meer of minder vakmanschap, maar toch...!
Ik snap daarom best dat veel beeldende kunstenaars het liever niet over de echte inhoud van hun werk hebben. Maar als je die angst eenmaal gepasseerd bent durf je dat natuurlijk wel, het is immers jouw geest die zich sublimeert naar en met gebruik van archetypes. Die jij dan vervolgens (die archetypes, niet die hellebeelden) kunt schilderen, schrijven, wat dan ook maar. Met of zonder bril, het maakt geen verschil. En ook niet of die wel of niet op z'n vaste plekje ligt.

 

Woensdag, 15-02-2017

 

Het wordt al weer een beetje vroeger licht. Heerlijk is dat. Ik kijk nu al weer uit naar de vogelconcerten tijdens de wandelingetjes met Pantu 's morgens vroeg om een uur of vijf. Nog een paar weekjes! Want om 5 uur is de wereld nog een beetje stil, voor zover dat kan als je tussen de A7 en de A28 woont, en kun je de meest mooie dingen zien en horen. Nu moet ik me nog met de voorpret tevreden stellen. Gelukkig kan ik ook dat goed, een kinderhand is snel gevuld.
Wel heb ik medelijden met die gasten die zo nodig hele dagen door geld moeten verdienen, omdat ze denken dat ze daar gelukkig van worden. Omdat zij geen kinderhand meer hebben. Het gekke is dat zij, die dat doen denken dat wij, die dat niet doen, jaloers op ze zijn. Zo noemen ze het ook als wij proberen wat van ons eigen geld weer van ze los te peuteren, omdat ze toch veel te veel van ons hebben gejat om van te kunnen leven: jaloeziebelasting. Kun je nagaan wat een beperkte geest je dan moet hebben, als je zo denkt. Volgens mij heet dat gewoon projectie.
Zij zijn eigenlijk degenen die jaloers zijn, zoveel is duidelijk. Je ziet het ook in de kunstwereld; de patsers struikelen over elkaar heen als het aankomt op aankopen van zogenaamde investeringskunst. Terwijl de waarde van die kunst slechts wordt bepaald door de uniciteit. En als het niet duur is, dan is het ook niet goed. Voor hen. Maar begrijpen wat er op het schilderij staat, ho maar! De waanzin van de materialistische denkers ten top. Er zijn kunstenaars die daar de spot mee drijven en echt goud of iets anders kostbaars in hun Kunst verwerken en dan nog snappen de idioten het niet. Geluk zit niet in geld, maar dat kan je duizend keer zeggen tegen deze figuren, in dit opzicht zijn ze gewoon autistisch. Patiënten dus. Laten we ze dan maar met mededogen beschouwen, proberen ze van hun waanideeën af te helpen en als dat niet lukt, ze in beveiligde tehuizen opbergen waar ze de hele dag Beursje mogen spelen. En op tijd hun pilletjes moeten slikken. Die dingen doen ze nu per slot van rekening ook al, elke dag. Maar dan lekker in hun eigen wereldje en niet in de onze, waar ze alles vervuilen en vernietigen in hun kapitaalverzamelwoede. Want wij willen onze wereld graag nog een tijdje houden, vooral als het 's morgens vroeg zo stil en vredig en schoon is. En je hondje rond struint door een frisgroene wereld met dauw op de bladeren en één diamantje per grasspriet waarin de zon, onze echte levensbron, haar stralen laat schitteren en weerkaatsen, en ons vertelt wat in ons leven echt belangrijk is.
Wie oren heeft die hore, wie ogen heeft die kijke!

 

Donderdag, 16-02-2017

 

Ik eindigde gisteren (ik weet het, ik mag niet beginnen met “Ik”) met een verwijzing naar mijn oren en mijn ogen en wat een mens daar allemaal mee kan, vergat ik warempel toch een voor mij heel belangrijk orgaan. Nee, niet dat wat u nu denkt, ik bedoel gewoon mijn neus! Voor Pantu overigens ook haar belangrijkste zintuig, die reuk, zoals voor alle honden. Maar zij en ik zijn daar niet de enigen in, het gebeurt vaak genoeg tijdens wandelingen dat je mensen zichtbaar de lucht ziet opsnuiven “oh, heerlijk, frisse lucht” en het leuke is, heb ik gemerkt, dat mensen zich daarvoor nooit schamen. Het zijn altijd blij kijkende, genietende mensen die je dan graag ook nog even laten weten: "Lekker hè!" Want geluk moet je delen, daar wordt het alleen maar meer van.
En hoe meer frisse lucht hoe beter. Zo ruik ik, nu ik al 15 jaar niet zelf meer mijn sigaretjes draai, het ook onmiddellijk als een passant rookt. Om over de stank van verschaalde drank maar niet te spreken. Enne... over dat roken: ik kan zelfs ruiken of dat sjekkies zijn of gewone sigaretten, eerlijk waar. Laat staan pijp, de stank van die zwaar-gearomatiseerde tabak komt me al meters van tevoren tegemoet. En die geur brengt me onmiddellijk naar de vakantiebaantjes tijdens mijn schooltijd. Want in Groningen staat zo'n meurende tabaksfabriek waar ik dan een maandje werkte, Theodorus Niemeijer. Voor U even opgezocht op het net: Theodorus Niemeijer (Groningen, 27 juni 1822 – 12 augustus 1910) was een Gronings koopman en tabaksfabrikant. In 1848 nam hij de tabakshandel "Het wapen van Rotterdam" van zijn vader over. Einde citaat.
Langs het spoor naar Leeuwarden, vlak buiten het prachtige station van Groningen, stond die grote witte fabriek, eigenlijk wel een imposant gebouw, zijn vreselijke geuren de wereld in te blazen. Ik geef toe, het kan veel erger voor fabrieken, maar fris was dit toch ook niet. En binnen zag ik, hoe uit 10 centimeter dikke buizen liters sterk naar karamel geurende rotzooi over die tabak werd gespoten om vermengd te worden. Gatsie! Daarna werd de tabak een etage hoger gedroogd, voordat het machinaal in de plastic verpakkingen kon worden gepropt. Ik moest meestal op die droogzolder werken, daar stonden de met tabak gevulde hoge karren die met liften weer naar beneden moesten worden gebracht. Mooi werk voor 1,50 meter hoge pubermannetjes, die nog niet teveel kostten.

Aan het eind van de werkdag moest je dan door een soort radar-achtige scan om te kijken of je geen contrabande bij je had. Want niet de tabak was duur, het plakkertje op die zakjes en doosjes, díe kostten geld. Dat was de belasting, Vadertje Staat rookte altijd met je mee. En één keer in de maand kreeg je een voorraadje rookwaar mee naar huis. Daar was natuurlijk wel een levendige handel in, dat snapt u. Maar dat ik toch doorgegaan ben met roken, dat snap ik nu achteraf nog steeds niet. Wat ben ik blij dat ik daar nu van af ben, dat ik niet meer zo iemand ben waarvan een ander neusophalend zegt, oei, wat een zware roker. Wat zal ik gestonken hebben, toen. Waarvoor alsnog excuses, eerlijk waar, echt gemeend. Maar nu toch trots, al 15 jaar niet meer! Dat is gemiddeld zo'n 180 pakjes sigaretten, voor een zware roker dus meer dan 200, per jaar. Met de huidige prijs is dat dus maal 6.30 Euro, maakt 1260 Euro per jaar x 15 jaar maakt 18.900 Euro bespaard. Dat is een heel mooie auto. Ik bedoel maar. Eigenlijk rij ik dus voor niets, lekker krom geredeneerd. Inclusief wegenbelasting en verzekering. Heerlijk. Kan ik in elk geval op de weg nog een potje mee gaan luchtvervuilen, want zo heilig ben ik nu ook weer niet. Zo hypocriet wel. Want ik ben verslaafd aan Engelse drop en autorijden. En aan het leven, maar dat wist u al.

 

Vrijdag, 17-02-2017

 

Gebeld met Jette, vriendin van mijn nu al weer bijna drie jaar geleden overleden vrouw, die op vakantie was geweest in Marokko. Alles was mooi geweest alleen had ze wat last van een darminfectie gehad zodat niet alles even prettig verliep. Toch was het over het algemeen heel mooi en zeer geslaagd geweest. En ze had wat Marokkaanse etenskruiden meegenomen voor me, die ga ik morgenvroeg bij haar ophalen. Kunnen we tegelijkertijd ook weer even bijpraten. Dat moet ook per slot van rekening als je elkaar niet elke dag ziet. Ook relaties vergen onderhoud.
Ook nog vermeldenswaardig: woensdagmiddag met prachtig weer met buuv en het hondje de Hoornseplas gerond. Behalve dat dat erg gezellig en leuk was constateerden we beiden dat het met Pantu erg goed gaat. Het was namelijk erg druk met hondenbezitters m/v en hun hondjes r/t bij de beroemde plas maar Pantu functioneerde daartussen uitstekend. Ze nam zelfs een keer het initiatief om een jonge puber-reu recht te zetten die wat al te lawaaiig en vrij deed tegen een andere hond. Zo regelen honden dat namelijk onder elkaar, ook in een roedel zijn regels. Het socialiseren van mijn vrolijke terriër gaat duidelijk zeer voorspoedig, dat vind ik toch echt verheugend.

Ook gaat ze zo langzamerhand reageren op speeluitnodigingen en dat is natuurlijk ook een heel goed teken. Ben nog steeds vreselijk blij met het hondje, bezoek is onmiddellijk gecharmeerd van haar door-de-kamer-stuitergedrag, ik moet zelf ook vaak erg om haar lachen en af en toe luistert ze naar me als, ik weer eens wat onzin moet uitkramen omdat het huis wat al te stil wordt. U kent dat vast wel, kopje gaat een slagje scheef, oortjes half hoog en dan kijken ze je aan alsof ze alles begrijpen wat je zegt. Zeer vertederend. En soms, heel soms geloof ik dat dan ook nog, tegen beter weten in.

 

Zaterdag, 18-02-2017

 

Heb afgelopen donderdag een tweedehands spade op de kop getikt voor 7,5 Euro. Een hele goeie, voor de bamboe in mijn tuin die ik er uit wil hebben. Dat gaat erg lastig omdat die plant een zeer dicht en zich hecht uitbreidend wortelgestel maakt, zo'n 15 á 20 centimeter onder het oppervlak. Dus dat wordt roppen en scheuren, steken en snijden. Stukje bij beetje! Als het herfst is moet het er helemaal uit zijn. Een vreselijke klus. Ik heb nu al pijn in mijn rug bij het idee alleen al.
Maar de man waar dat ding vandaan moest komen woonde in Roden, ik er heen. Werd gastvrij binnen gelaten en voor we het wisten, hadden we hele gesprekken over van alles en nog wat. Van politiek tot overleven, van grootkapitaal tot leven op het platteland (Zeerijp, Leermens) en er waren ook heel wat linkjes via de naam van de straat waar hij woonde, de Jan Fabriciuslaan. Nee, niet Johan Fabricius, Jan. De vader van. Niet de romanschrijver maar de hoofdredacteur/journalist en artikelenschrijver, die weer vrij direct gelinkt kon worden aan mijn opa van moeders kant. Want mijn opa was ook een krantenjongen/hoofdredacteur, maar dan in de Achterhoek, in Lochem om precies te zijn. En die twee, Jan Fabricius en Bouwmeester, die kenden elkaar dus erg goed. Dus mijn neiging tot schrijven is misschien ook wel een beetje genetisch bepaald. Van de Bouwmeesterkant dan, hè!

Kan dat eigenlijk, dit soort overerving? Geen idee, zal daar es induiken. Maar vandaar dat ik wist dat er ook een Jan Fabricius was naast de Johan van de Scheepsjongens. Jawel, van Bontekoe. Wie kent ze niet.
En die spade-man uit Roden, om maar weer terug te keren tot het oorspronkelijke verhaal, had ook, net als ik, last van bursitis, een tennisschouder met uitstralende pijnen in de lange spieren van je arm. Enzovoort, enzovoort. De ene overeenkomst na de andere.
Kortom, we waren al heel snel een half uur en vele anekdotes verder. Bijna gelijke leeftijd, net zo grijzend maar hij wel meer heer dan ik. Maar ja, ik heb dan ook een artistieke status, hij was de docent die ik oorspronkelijk had moeten worden, had ik mijn kont niet tegen de krib gegooid.
Een heel leuke ontmoeting, zomaar ineens. Na het afscheid nemen met de belofte van internetadressen uitwisselen, ik met een ijzersterke schep van Spear & Jackson weer naar Groningen terug. Nu maar eens letterlijk aan het spitten geslagen. Kijken of ik de tuin weer een beetje op orde kan krijgen. U hoort er nog van.

 

Zondag, 19-02-2017

 

Van het internet geplukt: “If you wanna stay happy, never look in a mirror but look at art, that's your real mirror. (Wijze woorden met dank aan Alex Sandee)…

Het is altijd mooi om te constateren hoe je eigen formuleringen worden doorgegeven door mensen die zo’n tekst op facebook hebben gevonden. Een verduidelijking van diezelfde tekst volgt nu.
Het is aangetoond, heb ik nog niet zo lang geleden gelezen, dat een mens, een fractie van een seconde voordat hij in een spiegel kijkt, zijn/haar gezicht verandert. Vandaar ook de reactie op spontane foto's: “dat ben ik helemaal niet” of “dat vind ik helemaal geen mooie foto van mezelf”'. Nee, dat is ook logisch, gezien het voorafgaande. We willen onszelf namelijk graag zien zoals wij denken dat we zijn, en dus plooien wij ons razendsnel in het gewenste beeld. Hoe u echt bent, dat zien wij (de buitenwereld), alleen. Of, hoe ik echt ben, dat weet u alleen. Helaas, maar waar. U liegt en bedriegt uw hele leven al. Een harde constatering, zeker, maar ja, het is niet anders. Ik heb daar pakweg twee decennia geleden eens een gedicht over geschreven, nog voordat het bewezen werd, en dat eindigde met de woorden:


...en niets bleek wat het was
dus laat U nooit verneuken
als U in de spiegel kijkt,
want aan de andere kant van 't glas
staat iemand die verraderlijk veel
een beetje op U lijkt.

 

Nou, daar kunt u het dus wel mee doen, dacht ik zo. Want uiteindelijk is de enige die u verneukt.... Mooi is dat. Had u net het hele leven op orde, alles keurig gerubriceerd en opgeborgen, alles had z'n plekje, u dacht dat u wist wie u was.....forget it!
Zelfs de spiegel kunt u niet meer vertrouwen. Laat staan mij!


Maandag, 20-02-2017

 

Gisteren afgesloten met het naakte feit dat u eigenlijk én de spiegel én mij niet meer kunt vertrouwen, wie dan eigenlijk nog wel?
Om heel eerlijk te zijn... niemand.
U draagt uw eigen visie op de wereld met u mee, daar is niets unieks aan. Dat doen wij namelijk allemaal, ieder voor zich. Dat kunt u eventueel uitwisselen met iemand anders en als het heel erg op elkaar lijkt, zeggen we dat we een “klik” hebben. Modieuze term, maar ja, het dekt de lading zo mooi. Dus we hebben een klik, het zij zo.
Is die klik erg diep en intens, dan hebben we het al gauw over een “soulmate”, nog wat verder en de bruidsmeisjes en -jonkers kunnen worden besteld. En nog twee stappen verder en we denken dat we de waarheid te koop hebben. Wat natuurlijk niet zo is. Want al eerder beweerd in dit dagboek: de waarheid bestaat niet en dat is de eerste waarheid. De paradox der paradoxen! Volgt u het nog? En dat alles omdat we op schijnbaar dezelfde manier tegen de wereld aan kijken.
Maar dat neemt nog steeds niet weg dat u eigenlijk niets en niemand kunt vertrouwen, daarom vinden we die kongsi met die ander ook zo prettig. Het ontkent zo heerlijk wat we allemaal niet willen weten en waarover we eigenlijk ook helemaal niet willen praten. En daar komt de kunst om de hoek zetten. U dacht vast al: waar blijft-ie!
Die kunst, gemaakt door malloten als ik, is een gesublimeerd eindproduct van iets wat wij kunstenaars in ons warrige hoofd bedenken, maakt niet uit waarover. Dat kunnen en doen wij nu eenmaal. En iedere kunstenaar heeft recht op zijn eigen afwijking.

Net als u, overigens. We lijken wel mensen!

Zoekt u herkenning, omdat u stiekem eigenlijk heel goed weet dat u alleen op de wereld bent, er is altijd wel kunst waardoor u aangesproken wordt. Tien tegen één dat u wel iets van uw gading vindt. Zeg maar, waar u een “klik” mee hebt. En u zich dus niet meer zo ellendig eenzaam voelt op deze wrede wereld, getroost door “des künstlers” sublimatie.
Maar aangezien we niet allemaal onze eigen kunstenaar mee naar huis kunnen nemen (er zijn er niet zoveel en we zijn nogal lastig in de omgang), schaffen we ons een gedachte van het desbetreffende slachtoffer aan en nemen dat mee naar huis. In de vorm van een beeld, een boek, een cd, een schilderij, noem maar op, duizenden mogelijkheden met miljoenen oplossingen. Alleen, die kunstuitingen zeggen allemaal hetzelfde. Namelijk: kijk, dit bent u. Veel meer, veel echter dan die man/vrouw in die spiegel waarin u zichzelf denkt te herkennen 's morgens vroeg. Want die heeft u zelf bedacht. En wij kunstenaars bedenken u! Acta est fabula! Plaudite!

 

Dinsdag, 21-02-2012

 

's Morgens bel ik Wia altijd even voor een troostgesprek als ze weer wakker wordt in dat grote, lege huis van haar kortgeleden overleden man. En gisteren was het voor het eerst dat er geen verdriet of ingehouden snik in haar stem mee klonk. Verheugend, ze krijgt heel langzamerhand weer een beetje vat op de situatie. Maar in dat gesprek probeerde ik een term te bedenken voor dat wat zij en ik gemeen hadden, de beleving van echte liefde voor een ander. Toen werd er opeens een prachtige uitspraak geboren. Ik zocht namelijk woorden voor iets wat uitsteeg boven de lichamelijkheid van de liefde. En toen gaf ik het de benaming van “de intimiteit van de vertrouwelijkheid”.
Daar werden wij alle twee een beetje stil van. En verrukt en zélfs een beetje blij. We hebben het ook allebei opgeschreven om het niet te vergeten, ik meldde gelijk dat ik die term in mijn dagboek wilde gebruiken. Wat ze goed vond. Bij deze, dus. De intimiteit van de vertrouwelijkheid, wat mooi. Al zeg ik het zelf. Maar u mag dat ook gerust mooi vinden en zelf zeggen, want schoonheid is altijd voor niks.

 

Woensdag, 22-02-2017

 

We hebben één vaste waarde in ons leven: ons leven zelf. Dat is de liniaal waarlangs wij alles kunnen leggen. Of iets ons past of niet, wat we leuk vinden, wie we leuk vinden, alles wordt gemeten aan wat we al beleefd hebben. En ook: hoe bang we zijn. In het fantastische boek van Richard Bach: “Illusies: de avonturen van een onwillige messias” wordt voor die angst een wezenlijke sleutel aangereikt. Dat gaat over een meisje dat niet mee durft in een vliegtuig, waarop de piloot haar over die angst heen helpt door haar te vertellen, dat ze alleen maar bang is omdát ze al eens is gevallen. Pure zen, schitterend!
Alles zit verborgen in ons eigen verleden. Alleen nu komt het vervelende: dat verleden wordt steeds groter en verandert voortdurend. Is voor een baby een maand een twaalfde deel van dat leven, voor iemand die zo oud is als ik, is diezelfde maand slechts 1/816 deel van mijn bestaan. Peanuts! En dat geldt alleen maar deze maand, de volgende is al een 817 deel. Die babymaand duurt dus 68 keer zo lang als de mijne. Daarom verstrijkt de tijd ook steeds sneller hoe ouder U wordt. 1/12 deel van je leven of 1/816 deel, het is me nogal een verschil.
En uw leven blijft gewoon uw leven, zonder lengtemaat. Tijd is een uiterst subjectieve observatie, een belevingsgerelateerd verschijnsel, maar dat wist u reeds. Time flies when you're having fun. En dat is dus werkelijk zo.
Ook zijn er gemakkelijk verschillende situaties te schetsen waarin de tijd traag als een slak voortkruipt. En in veel, meestal erg ingewikkelde artikelen is er al heel veel zin en onzin over tijd geschreven. Gelukkig weet nog niemand er echt het fijne van, maar één oplossing wil ik u in ieder geval niet onthouden: tijd is als een rivier, u staat aan de oever, alleen stroomt de rivier niet maar u beweegt. Daar kan ik me wel in vinden, dat past ook in mijn beleving.
Maar gelukkig mag u er heel anders over denken, daar hadden we het al over gehad. Daarom kunnen we die levensliniaal als meetlat voor ons bestaan ook wel afschaffen, weer een vaste waarde ontkracht. Maar waar moeten we ons leven dan aan afmeten? Dat doet me denken aan het volgende zen-vraagstuk (ook koan genoemd): hoe kun je altijd winnen met schaken? Het antwoord is even simpel als verwarrend: niet beginnen.

p.s. nog een mooie link van een artikel over tijd: http://blogs.discovermagazine.com/crux/2016/09/26/the-arrow-of-time-its-all-in-our-heads/#.WKqWTtIzWJD

 

Donderdag, 23-02-2017

 

Door Jacques, mijn corrector, mij medegedeeld in een messengergesprek: “….de werking van het menselijk brein en de superioriteit die wij, mensen, ons brein toedichten, garanderen een reeks aan problemen, zowel voor het individu als voor het collectief. Van commune tot wereldtoneel.“
Waarop ik het niet kon nalaten om hem te vertellen dat ik dat soort toespraken meestal hou. Wat natuurlijk ook zo is. Volgens mijn hersenen dan, hè! En daar begint het gesodemieter al. Wie zegt wat en waarom, en dan ook nog wanneer en in welke context, soms word ik moe van het eigen gemaal in mijn hoofd. De reactie van Jacques was (HOERA!) paradoxaal. “Overschat jij nu je eigen brein niet?”

Hoera! Want daar ben ik gek op zoals u weet. Op paradoxen. Kan God een rots maken die hij niet kan tillen? (In dit geval schrijf ik, tegen mijn gewoonte in, God met een hoofdletter omdat ik de Christelijke God bedoel, diegene waarmee ik ben opgevoed). Het antwoord op de breinoverschatting had natuurlijk iedereen die mij een beetje kent, kunnen verwachten, dat kwam dan ook, en is volkomen passend binnen mijn schijnbare arrogantie: "...Nee, nooit, ik gebruik hooguit een percentagetje meer dan de gemiddelde mens en dat is nog maar erg weinig, ben stiknieuwsgierig naar wat ik eigenlijk nog meer kan. Ik onderschat het eerder." Einde quote.
Ik denk dat in een verre toekomst zich nog grote mogelijkheden zullen openbaren binnen onze verstandelijke vermogens. Een bepaalde vorm van mind-reading sluit ik helemaal niet uit, net zo min als telepathie. Ik heb al eens eerder verwezen naar de film Lucy waarin dit soort mogelijkheden prachtig worden vormgegeven. En niet ten onrechte, prachtige film. Heeft u hem al gezien? Doen als u in dit soort onderwerpen geïnteresseerd bent.
We kwamen hierop omdat ik een boekje aan het lezen ben getiteld: horen met je neus van Thijs Hannaart waarin bewezen wordt dat wij onze complete hersens gebruiken om onze zintuigen te duiden/verklaren, dus bijv. de audiokwab ook voor je reuk. Als je hoort hoe knapperig het buitenkantje van de biefstuk is gebakken smaakt ie duidelijk beter. En als die biefstuk groen lijkt (door belichting) lusten we datzelfde heerlijke stukje vlees opeens niet meer. Dus ook de visuele kwab speelt zijn/haar deuntje mee. Een erg leuk, erg fascinerend boekje en vooral ideeën-bevestigend voor mij. Wat ik natuurlijk erg lekker vind. Ook mijn brein wil wel eens geaaid worden, desnoods door mezelf. Net als ik.
Maar dat dan wel weer het liefst door een ander. Met de Franse slag, natuurlijk.

 

Vrijdag, 24-02-2917

 

Gisteren bij Wia de meubels verzet. Banken op een andere plek (lekker in de zon), de tafel ergens anders, dingetjes verplaatsen. Enzovoort, en zo verder. Want als je je perceptie verandert, verander je ook je denkpatroon, je manier van kijken naar dingen.
Zo heb ik na het overlijden van Teja mijn hele interieur volkomen omgegooid. Want als ik naar onze bank keek, zag ik haar nog steeds zitten. Wat de pijn niet direct minder maakte. En koos ik voor verandering van mijn huiskamerinrichting.
Later bood dat de opening om het nog verder om te gooien naar atelier toen ik eenmaal besloten had mijn oude beroep weer op te pakken.
Ook zie je vaak dat mensen vrij snel na een dramatisch voorval gaan verhuizen om diezelfde perceptie een nieuwe invalshoek te geven. En net zo vaak komt het voor dat mensen juist bijna krampachtig de situatie handhaven zoals die was om de herinnering in stand te houden. En ook dat is uiteraard toegestaan. Eenieder vindt zijn/haar eigen manier om met ellende te dealen. Shit happens en hoe je er mee omgaat, bepaalt wie je bent.
Teja duikt momenteel wat vaker op in mijn hoofd omdat de datum van haar overlijden met rasse schreden nadert. En dan is het al weer drie jaar geleden. Er is veel gebeurd in die drie jaar, er zijn al weer heel wat schilderijen geboren, er zijn al bijna 50.000 kilometertjes onder de wielen van mijn autootje doorgegleden, zelf ben ik als een feniks uit de kunstenaars-as herrezen en ik heb nieuwe vrienden en nieuwe vijanden gemaakt. Zoals het een kunstenaar betaamt.
Ben zelfs al weer een keertje verliefd geworden zoals u weet, eigenlijk is het te veel om op te noemen. Wat ik dan ook maar niet ga doen. Maar zo'n overlijdensdatum is wel het tijdstip waarop je je realiseert, dat je als achterblijver volkomen machteloos bent als verdrietige zaken plaatsvinden. Dan zijn die drie jaren opeens totaal onbelangrijk geworden. En is het als de dag van gisteren dat het overlijden gewoon plaatsvond. Je stond er bij en keek er naar, volkomen verbijsterd.

Nog geheel onbewust van het gegeven dat drie jaar later die gebeurtenis in een dagboek beschreven zou worden. Beschreven..... door mij, nota bene! Diezelfde mij, die zijn hele leven al zei: ik kan er wel een boek over schrijven, en dat vervolgens nooit deed. Want toen wist ik nog niet dat je een boek pas kan schrijven als het af is. Het boek is af!

 

Zaterdag, 25-02-2017

 

De opmerking van Jacques van eergisteren over de werking en de schijnbare superioriteit van ons brein zet natuurlijk een complete trein in beweging in mijn hersens. En van bekend station naar bekend station razend, kom ik constant dingen tegen die ik dan toch weer op een andere manier kan beschouwen. Kijk, daar is een restauratie bijgebouwd, hé... dat stationnetje is er niet meer (kon zeker niet uit!), dag conducteur, moet u mijn kaartje nog zien? Want dat ik een kaartje voor deze overdrachtelijke trein heb, dat wil ik wel weten. Dan wil ik ook wel graag dat er een gaatje in geknipt wordt. (Dat deden ze vroeger, gaatjes in de van stevig karton gemaakte kaartjes knippen, daar kon je niet mee sjoemelen).
En die reis vind ik iedere keer weer spannend, gek genoeg. Voor al die zaken die ik dan onderweg tegenkom, kan je natuurlijk een maatschappelijk aspect in de plaats zetten. De bijgebouwde restauratie staat voor de bevolkingsgroei waar je je vraagtekens bij kan zetten, het verdwenen stationnetje staat natuurlijk voor het uit haar voegen gegroeide huidige economische systeem dat korte metten maakt met onnuttige restanten uit voorbije tijden, de conducteur belichaamt overduidelijk mijn gevoel voor rechtvaardigheid. Die kartonnen kaartjes zijn symbolen voor het zo menselijke gevoel van nostalgie, zo is die reis iedere keer weer spannend, of maak ik hem spannend.
Zelfs de fouten en foutjes die de corrector dan uit mijn teksten haalt, geven mij weer aanleiding om te beschouwen. Zoals daar zijn: tja, een mens is nooit uitgeleerd, of: Nederlands is een zeer moeilijke taal (altijd weer een mooi excuus).
Ook: je kunt blijkbaar je roeping volgen door teksten te corrigeren, wat geweldig! En natuurlijk: waarom moet ik zo nodig een dagboek schrijven.... Ik bedoel maar.

Waarbij Jacques natuurlijk een van die medereizigers in mijn trein is, die garant staat voor een goed gesprek, af en toe. Of om samen, beschouwend, mee naar buiten te kunnen gaan zitten loeren. Zonder mijn overige medereizigers te kort te doen, natuurlijk. Het genoegen dat ik beleef aan de Belg Rik, als medepassagier met een ongrijpbaar vak, moet zeker ook vermeld.
Waarmee ik maar wil zeggen dat mijn spannendste leven niet het leven van buiten mijn deur is. Wat er boven in mijn hoofd gebeurt, dat is het ware avontuur. En als ik dement moet worden, per ongeluk of door een andere oorzaak, wil iemand dan even het laatste gaatje in mijn treinkaartje knippen? Want zielloos door het leven gaan zonder deze reizen… nee, dat moet maar niet.
Vegeteren op het bestaan is aan mij niet besteed. Strijdend ten onder, groots en meeslepend, struikelend over kunnen denken over denken, al filosoferend sneuvelen op het slagveld der logica, dat is je ware!

 

Zondag, 26-02-2017

 

Het is een vervelende tijd momenteel. Politici van allerlei pluimage buitelen over elkaar heen in belachelijke pogingen stemmen voor zichzelf, of voor hun partij te winnen. Politiek is verworden tot een spelletje van twijfelachtig niveau, het is weer eens verkiezingstijd. En het was toch al nooit zo verheffend, daar in Den Haag.
Populisten aan de ene kant, pragmatici aan de andere, kapitalisten altijd aan de verkeerde kant (ja, ja, een heus waarde-oordeel!) en de “echte politici”, de idealisten, mogen als gebruikelijk in de marge een beetje meespelen.
Want idealen zijn lastig voor diegenen die ze hebben, maar nog veel lastiger voor hen die er niet in geloven. Idealen zijn niet berekenbaar, niet meetbaar en spelen zich af in een toekomst die niemand nog kent. Ergerlijk, op z'n minst. Want gedreven door die idealen zijn de bezitters ervan altijd behoorlijk fanatiek, tot bezeten aan toe. En niet aanspreekbaar voor wat compromissen betreft: idealen kunnen niet schipperen. Die zijn wat ze zijn en worden nooit echt werkelijkheid.
Want eenmaal een ideaal tot werkelijkheid getransformeerd, blijft er niets anders van over dan een pragmatisch luchtballonnetje. Waaruit dan weer nieuwe idealen geboren worden, natuurlijk, dat wel.
You may say that I'm a dreamer, but I'm not the only one.
Toch hebben die idealisten meer macht dan ze meestal denken, ze houden de anderen scherp, uit angst dat ze hun zetels zullen gaan kwijt raken aan die fanatieke ettertjes. Want diep in hun hart weten zelfs de meest verstokte pragmatici en de meest vunzige kapitalisten dat die mensen met een wezenlijke visie op de toekomst, dat ideaalbeeld voor later, eigenlijk heel erg gelijk hebben. En het nooit zullen krijgen, maar dat is juist het loon der dapperheid, want zo kunnen die toch wel een beetje onhandige dromers mooi zichzelf blijven.
Idealisme sterft nooit uit. Veritas temporis filia. (De waarheid is de dochter van de tijd)

 

Maandag, 27-02-2017

 

Eergisteren (zaterdag) maar weer eens in mijn hobby gedoken: koken! Want net als een goed schilderij moet eigenlijk ook een maaltijd voldoen aan een aantal eisen. Dan laat ik de presentatie nog maar even buiten beschouwing, dat past weer meer bij mijn kunstbeleving. Maar juist de smaken moeten hun werk doen in een goed gerecht.
En ook daar zijn mooie dingen te ontdekken. Zoals: een snufje zout laat een zoet gerecht zoeter smaken. De leer der tegenstellingen laat zich ook in de culinaire wereld gelden! Een hartig krokantje past uitstekend bij een fruitgerecht, een halve perzik uit blik (op zware siroop! Mjumm...) is verrukkelijk op een plak stevig gekruide warme rollade. Een beetje van die siroop (ook goed warm gemaakt en een beetje sambal er in) er overheen en je weet niet wat je proeft.
Nu heb ik daar kortgeleden al eens over geschreven (donderdag de 23ste), over hoe eigenlijk je hele beleving door alle delen van je hersens beïnvloed wordt (ruiken met je ogen, zien met je neus), en nu bekruipt mij constant het gevoel dat daar meer in te ontdekken valt. Dat het grotere plaatje wel eens meer overeenkomsten dan verschillen zou kunnen opleveren. Kun je een schilderij dan ook ruiken, een muziekstuk zien?
Die laatste vraag kan ik moeiteloos bevestigend beantwoorden. Bij mij erg aansprekende muziek krijg ik wezenlijk beelden, zo duidelijk dat ik er zelfs schilderijen van kan maken, als ik dat zou willen. En wij kennen natuurlijk allemaal ons eigen Arcadië, dat wij moeiteloos kunnen projecteren op allerlei soorten belevenissen. En niet in het minst op de belangrijkste belevenis die een mens kent: zijn overlijden. En dan noemen de christenen dat Arcadië de hemel, de indianen spreken in dat geval van de eeuwige jachtvelden en voor een moslim-martelaar wachten 70 maagden in het paradijs om hem te belonen voor zijn vrome leven. En de hindoes hebben hun eigen grote rivier, de Ganges, die zich al geestreinigend oceaanwaarts spoedt. Wat moslimvrouwen wacht in hun hemel, gelegen tussen de Eufraat en de Tigris, daarover is geen expliciete duidelijkheid, maar het lijkt er op dat zij genoegen moeten nemen met het Paradijs zelf. Het land van melk en honing, stroomafwaarts bij de Grote Rivier. De symboliek moge duidelijk zijn. Niet? Jawel toch! Zij zijn het paradijs zelf. En dat past dan weer wonderwel binnen mijn overtuiging voor wat de verlichting betreft als het over vrouwen gaat. Dat vrouwen niet verlicht kunnen worden. Verontwaardigd: waarom niet? Omdat zij de verlichting zelve zijn. Maar ze hebben het wel een beetje weggestopt vanwege de eisen van 2000 jaar mannelijk chauvinistisch denken. Beetje vergeten, sorry! Kom vrouwen, het ligt in jullie handen. Kom in opstand. Doe es wat!

 

Dinsdag, 28-02-2017

 

...en de carnavalsfeesten zijn alweer over hun hoogtepunt heen, de vrouwtjes weer alcoholisch bevrucht en morgen, woensdag, nog even het verplichte haringhappen. Wat overigens, afgezien van de verplichting, wel erg lekker is, na een paar dagen zwaar gezopen te hebben. Voor de haringen wel eerst nog even het askruisje ophalen, als boetedoening voor alles wat men het afgelopen jaar allemaal fout heeft gedaan, en voort kan “het Zuien” weer met de te grote stallen, wietkwekerijen, drugslaboratoria en nog veel meer wat hun god allemaal verboden heeft. Maar zij toch lustig beoefenen. Want volgend jaar toch weer opnieuw een carnaval?
En waar de xenofobie voor Nederlandse begrippen ongekend hoog is, en alles wat anders is in die zuidelijke provincies met de nek aangekeken wordt, hebben ze niet eens door dat hun ritueel van vasten en carnavallen wel merkwaardig veel overeenkomsten vertoont met Ramadan en Suikerfeest. En dat het bevruchten der vrouwtjes bijna een noodzakelijkheid is na een maand onthouding (dat geldt vooral voor Moslims, de Katholieken beoefenen een veel meer afgezwakte versie daarvan).
Die Middellandse Zee-religies hebben overigens veel meer met elkaar gemeen dan dat je zou vermoeden op basis van hun wederzijdse haat. Omdat ze eigenlijk allemaal in hetzelfde verhaal geloven en dezelfde god aanbidden.
Met hooguit een andere interpretatie van het, door hun profeten geschreven, goddelijke woord. Wat overigens merkwaardig veel overeenkomt, onderling. Maar ja, voordat ze dat allemaal inzien... het zal mijn tijd wel duren.

Verdiep u er maar eens in. Niet schrikken, is mijn goede raad. Dan ben ik eigenlijk alleen nog maar benieuwd hoe ze t.z.t. het door mij geschreven woord zullen duiden.
Wel moet ik nog even kwijt dat ik, ten tijde van mijn studie in Breda aan de Kunstacademie St. Joost, tijdens carnaval mij verschanste in huis met mondvoorraad voor een vijftal dagen. En gewoon een nuchtere Groninger kon blijven.

Even lekker generaliseren: Groninger tussen de Brabanders, ik geef U op een briefje, het werkt niet. Vandaar dat ik na mijn tweede carnaval terug naar het hoge Noorden ben gevlucht. Ik kon het niet langer aanzien. Academie of geen academie!